Restauratie en herinrichting
Wat zijn de problemen?
De Oude Kerk is begin van deze eeuw geconfronteerd met een groot aantal bouwkundige problemen. Monumentenwacht inspecteert periodiek de staat van de kerk. Hun rapportage van gebreken onderstreepte de noodzaak tot herstel.
Aantasting door bonte knaagkever
Het eerste probleem in de Oude Kerk was de schade door de bonte knaagkever. De bonte knaagkever kan beschouwd worden als de doodsvijand van alle oude kerken, die in de Lage Landen zijn gebouwd.
De insecten vreten zich door de eikenhouten steunbalken heen. De bonte knaagkever maakt net als de houtworm gaatjes in het hout. Echter, de bonte knaagkever eet het hout van binnenuit op, en een houtworm van buiten, zodat het verwoestende werk van de bonte knaagkever van buiten niet te zien is.
In feite worden balken van grote afmetingen door deze beestjes volledig uitgehold. In de Oude Kerk van Naaldwijk waren de spanten, muurplaten, korbeelbalken en trekbalken aangetast door de bonte knaagkever.
Zwam in het metselwerk beschadigt ook nog eens het aangrenzende hout. Deze houten elementen vormen de constructie van de kap. Wanneer onderdelen van het skelet de krachten door verzwakking niet meer kunnen opnemen zal de constructie uiteindelijk bezwijken. Loodaansluitingen die het regenwater moeten keren zijn aan vervanging toe. Lekkende goten hebben tot gevolg dat vocht in muren en in onderdelen van de kap treedt. Inwerking van vocht is de oorzaak van een kettingreactie van bouwkundige en bouwfysische problemen. Het gehele koor en grote delen van transept en schip van de kerk zijn gepleisterd. Het pleisterwerk zit grotendeels los.
De gevels verkeren op vele plaatsen in slechte staat. Roestende muurankers beschadigen het metselwerk en stenen zijn los komen zitten. Veel slecht voegwerk aan de buitenkant.
Om de veiligheid te waarborgen en instorting te voorkomen heeft de Kerkvoogdij van de Hervormde Gemeente te Naaldwijk besloten tot uitvoering van herstel over te gaan. Dit werk is in de jaren 2003 en 2004 uitgevoerd (fase 1 en fase 2).
Met de laatste fase (nummer 3) van de totale restauratie zal voor 1 april 2010 gestart gaan worden. De fase behelst het stucwerk onder de ramen in het schip van de kerk en de vloer in het koorgedeelte. Ook de buitenkant van de kerk zal in deze fase 3 grondig aangepakt worden (met name voegwerk).
Tevens zal het koorhek verrijdbaar gemaakt worden opdat er op deze manier ongeveer tweehonderd mensen meer in de kerk kunnen.
Beperkingen voor breder gebruik
Naast haar primaire functie voor kerkdiensten is de Oude Kerk in haar omvang en ambiance een zeer aantrekkelijke locatie voor bijeenkomsten en evenementen van uiteenlopende aard.
De traditionele zomerbloemententoonstelling en uitvoering van de Lukas Passion van J.S. Bach zijn voorbeelden van dit breder gebruik. Tegelijkertijd leggen zij echter de beperkingen van het gebouw bloot. De huidige inrichting en voorzieningen van het gebouw bieden niet de noodzakelijke flexibiliteit en faciliteiten om, anders dan in kerkdiensten, "goed uit de voeten" te kunnen.
Met name de vaste bankenopstelling op houten vloer, de vaste plaats van het koorhek en het ontbreken van een tochtportaal zijn grote knelpunten.
De toenemende kosten om de Oude Kerk in stand te kunnen houden overschrijden de financiële draagkracht van de kerkelijke gemeente.
De roep om een multifunctionele accomodatie wordt versterkt door de mogelijkheid hieruit extra financiële inkomsten te genereren.
Om dit mogelijk te maken is een herinrichting gerealiseerd, waarbij met respect voor het monument en de basisfunctie van het kerkgebouw is omgegaan. Hierbij is de vaste bankopstelling vervangen door losse stoelen en is ook een tochtportaal gerealiseerd. In 2011 is tevens het koorhek verplaatsbaar gemaakt.